Column Els Aeyels

Ik weet niet of het aan de tijd van de maand ligt, aan de hitte of aan de nieuwe single van Pink, maar ik heb de laatste dagen weer veel over “de ware” zitten denken. Of hij bestaat en zoja waar hij zich verstopt heeft en wat zijn excuus is om daar te blijven zitten. Of ik hem misschien al lang ken maar telkens weer over het hoofd zie. Of nog erger, dat hij er ooit wel geweest is, maar intussen in de annalen van mijn geschiedenis is beland. Al dan niet door mijn eigen stomme fout.

Almaar meer mensen in mijn omgeving lijken te settlen voor relaties waar ze niet koud of warm van worden. Ze trouwen met mensen die ze wel leuk vinden, of waar ze perfect mee kunnen samenleven omdat ze dezelfde toekomstplannen hebben, maar die strikt genomen nog niet één keer hun hart hebben doen overslaan. Ik vind dat jammer. Meer nog, ik zou het niet kunnen. Of je hen nu verstandig noemt of realistisch of rationeel, IK wil geen lauw lief.

Soms probeer ik mezelf te overtuigen om het toch maar te proberen, maar elke keer is er op het laatste nippertje iets in mijn lijf dat blokkeert. Ik kan simpelweg niet geloven dat DAT de bedoeling is. Dat we uiteindelijk moeten kiezen voor een relatie die “wel ok is”. Dat we niet ons hart, maar ons verstand moeten volgen.

Mensen zeggen wel eens dat ik in een droomwereld leef, te hoge verwachtingen koester, tevéél wil. Maar is dat wel zo? Ben ik naïef om te blijven hopen op die allesverterende, “can’t live without you”liefde? Stel ik mijn eisen onredelijk hoog als ik er bij blijf dat ik niet óf passie óf tederheid wil, maar allebei? Of ben ik integendeel één van de weinigen die moedig genoeg is om daar voor te blijven gaan?

Ik ken mezelf goed genoeg om te weten dat wat minder hoog richten, mijn pijl niet in de roos zal doen belanden. Het gaat er niet om dat alles perfect moet zijn, ik wéét dat de prins op het witte paard niet bestaat en ik geloof al lang niet meer in rozengeur en maneschijn. Maar ik weet ook dat ik teveel tijd heb gestoken in relaties waar ik altijd van heb geweten dat ze nooit meer zouden worden dan “niet slecht”. En dat ik beter verdien.

En goed, als ik opsom hoe mijn ideale man moet zijn, dan is het lijstje inderdaad eindeloos. Donker, zwart haar, blauwe ogen, groot en stevig. Kuiltjes in de wangen. Twinkelende blik. Knuffelbeer. Eerlijk, loyaal, rechtvaardig, zelfstandig, creatief, intelligent, lief, grappig, speels, koppig en ga zo maar door.

Maar ideaal bestaat niet en dus doen al die dingen er niet toe. Het enige wat hij écht moet kunnen, is voor wat rust in mijn onrust zorgen. Me nemen zoals ik ben. Met al mijn onrealistische dromen en verlangens. En ja, hij mag me verwensen om mijn irritante trekjes. Zolang hij er maar doorheen kan zien naar wat echt belangrijk is. Zolang hij maar niet elke pietluttigheid aangrijpt om alles elke keer weer op de helling te zetten. Zolang ik maar weet dat hij bij mij is omdat dat is waar hij WIL zijn. En neen, hij moet me niet altijd graag hebben, maar hij moet me wel altijd graag zien.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s